Informatievoorziening
 
Privacybeleid | Contact Gebruiksovereenkomst

Copyright © 2009 Verenigde Scholen J.A. Alberdingk Thijm
Informatievoorziening

De ouders van spellingzwakke en dyslectische leerlingen worden in de brugklas op de hoogte gebracht van de start van de begeleiding en de afronding ervan. Aan het eind van het jaar wordt er ook verslag gedaan van de inhoud van de begeleiding wanneer die het hele jaar voor de leerling gold. De docenten worden iedere periode door de RT­docenten op de hoogte gehouden van de groepsindeling voor de RT­lessen. Bijzonderheden worden doorgegeven aan mentoren, die op hun beurt kontakten onderhouden met de ouders.

Tips

Dyslexie is een persoonsgebonden kenmerk. De mate waarin een leerling er last van heft, kan van persoon tot persoon en van klas tot klas variëren. Lees- en spellingproblemen openbaren zich in de brugklas bij het leren van vreemde alen. Het tijdgebrek manifesteert zich vooral in de bovenbouw wanneer er sprake is van het lezen van langere teksten. De begeleiding moet zich richten op de behoefte, het is niet aan te raden preventief (door te snelle dispensatie) op te treden. De school helpt, zoals gezegd, waar mogelijk is. De dyslectische leerling kan ook veel zelf doen, kan leren omgaan met zijn eigen handicap. Hier volgen enkele tips:

  1. Neem voor studeren de tijd; probeer hoe je het beste kan leren.
  2. Studeer en werk op een rustige plek: in de klas vooraan, thuis in rust.
  3. Leer op verschillende manieren hetzelfde. Bij het leren van woorden: lees het woord, spreek het uit en luister naar jezelf, schrijf het woord op en fantaseer over de betekenis, oefen op de computer.
  4. Vat lessen samen: maak je eigen samenvatting met kernwoorden en vertel jezelf wat je bij elk geschreven kernwoord nog weet.
  5. Raak niet in paniek als je iets niet goed begrijpt: herhaal, lees opnieuw, vraag om herhaling. Na een paar dagen begrijp je het vanzelf.
  6. Oefen extra. In het begin gaat het wat langzaam, maar al snel gebruik je de regels beter dan anderen.
  7. Werk vooruit. Leer toetsen al lang van tevoren. Bereid je goed voor.
  8. Lees zoveel mogelijk. Als je ouder wordt, gaat het lezen steeds gemakkelijker als je regelmatig blijft oefenen.
  9. Maak voordat je een verhaal gaat schrijven een schema met de trefwoorden waarover het moet gaan. Schrijf dan in korte overzichtelijke zinnen je verhaal.